PS6-gerucht: RAM- en NAND-kosten zouden boven $680 liggen
Volgens leaker Kepler_L2 zouden de RAM- en NAND-kosten van de PS6 alleen al boven de $680 uitkomen. Sony heeft de PS6 nog niet officieel onthuld en zegt geen hardware met
- Eerdere berichten van dezelfde leaker spraken over een PS6-bill of materials van rond de $760, later oplopend tot bijna $1.000.
- Sony heeft de PS6 nog niet officieel onthuld, maar topman Hideaki Nishino zei in juni dat het bedrijf hardware niet met een significant verlies wil verkopen.
Wat is er gebeurd?
De discussie rond de PS6 draait opnieuw om een kosteninschatting van leaker Kepler_L2. Volgens de berichtgeving zou alleen al de combinatie van RAM en NAND-opslag meer dan $680 kosten. Dat is geen officiële Sony-prijs, maar een gerucht over componentkosten van een nog onaangekondigde console. De claim gaat dus over onderdelen en niet over een winkelprijs voor consumenten.
Die inschatting past in eerdere claims van dezelfde leaker. Eerder werd al gemeld dat de totale bill of materials van de PS6 was opgelopen van ongeveer $760 naar bijna $1.000. Sony heeft zelf geen specificaties, prijs of releasedatum voor de PS6 bevestigd, waardoor die bedragen voorlopig niet meer zijn dan onbevestigde ramingen. In de aangeleverde berichtgeving wordt bovendien verwezen naar een bredere druk op geheugen- en opslagprijzen, maar ook dat is niet door Sony zelf bevestigd.
Tegelijkertijd wees Sony Interactive Entertainment-baas Hideaki Nishino in juni tegenover investeerders op een vaste lijn: Sony wil hardware niet met een significant verlies verkopen. In de berichtgeving wordt die uitspraak gekoppeld aan de bredere discussie over stijgende componentkosten, maar Nishino noemde daarbij geen PS6-prijs of concrete hardwaredetails. De uitspraak is wel relevant omdat ze laat zien dat Sony bij toekomstige hardware rekening houdt met marges en componentkosten, zonder dat daaruit een concrete PS6-prijs kan worden afgeleid.
De geruchten worden daarnaast in verband gebracht met een mogelijke verschuiving in Sony’s hardwarestrategie. In de aangeleverde context wordt gespeculeerd over een digital-first benadering en het mogelijk schrappen van een schijfstation, maar ook dat is niet bevestigd. Het enige harde uitgangspunt uit Sony zelf blijft dat het bedrijf geen hardware met een grote verliesmarge wil verkopen. Daarmee is de kern van het verhaal voorlopig nog steeds dat de PS6-kosten vooral onderwerp zijn van geruchten, niet van officiële communicatie.
Tijdlijn
Juni 2026: Hideaki Nishino zegt tegen investeerders dat Sony geen hardware met een significant verlies wil verkopen.
2026: Kepler_L2 meldt eerst een PS6-bill of materials van rond de $760.
2026: Dezelfde leaker stelt later dat die schatting is opgelopen tot bijna $1.000.
2026: In de berichtgeving verschijnt ook de claim dat RAM en NAND samen al boven de $680 zouden uitkomen.
2028: In de berichtgeving wordt dit genoemd als het vroegst realistische marktvenster voor de PS6.
Achtergrond
De geruchten komen op een moment waarop meerdere bronnen wijzen op druk op de componentmarkt, met name rond geheugen en opslag. In de aangeleverde berichtgeving wordt dat gekoppeld aan AI-datacenters en andere marktverstoringen, maar die oorzaak-gevolgrelatie is niet door Sony bevestigd. De externe context noemt daarnaast ook bredere marktproblemen rond tarieven en een wereldwijde geheugenchipkrapte, maar ook daar gaat het om berichtgeving van derden en niet om een officiële Sony-update.
Ook wordt gespeculeerd dat Sony met de PS6 verder zou kunnen opschuiven richting een digitale strategie zonder schijfstation. Dat is echter niet bevestigd. De enige harde lijn uit Sony zelf is dat het bedrijf geen hardware met een grote verliesmarge wil verkopen. In de externe context wordt bovendien verwezen naar een briefing waarin Nishino zou hebben gezegd dat het niet realistisch is om alle componentkostenstijgingen op te vangen. Dat past bij de bredere lijn dat Sony prijsdruk en marges serieus neemt, maar het zegt nog niets over een concrete PS6-configuratie.
De timing van de PS6 blijft eveneens onzeker. In de aangeleverde berichtgeving wordt 2028 genoemd als het vroegst realistische marktvenster, terwijl andere externe berichten zelfs 2028 of 2029 noemen. Sony heeft echter geen releasevenster aangekondigd. Daardoor blijft elk jaartal voorlopig een inschatting van buitenaf, niet een officiële planning. Hetzelfde geldt voor de vraag of de console een schijfstation krijgt, of Sony inzet op een volledig digitale variant, en of de uiteindelijke prijs richting de huidige high-end consolemarkt of daarboven zal uitkomen.
De kern van de discussie is dus dat de PS6 in de berichtgeving al wordt gekoppeld aan hoge componentkosten, maar dat de belangrijkste feiten nog ontbreken. Sony heeft de console niet onthuld, geen specificaties gedeeld en geen prijs genoemd. De enige bevestigde lijn is dat het bedrijf toekomstige hardware niet met een significant verlies wil verkopen. Alles daarbovenop, van de $680 aan RAM en NAND tot de bijna $1.000 aan totale onderdelenkosten, blijft voorlopig een gerucht dat door meerdere media wordt aangehaald, maar niet door Sony is bevestigd.
Gerelateerde GAME-scanner artikelen
Bronnen
- Eurogamer: PS6 RAM/NAND-kosten boven $680 volgens Kepler_L2
- Eurogamer: eerdere schatting van rond $760 en latere claim van bijna $1.000 bill of materials
- Eurogamer: Hideaki Nishino over het niet willen verkopen van hardware met een significant verlies
- Externe context: berichten over een mogelijk PS6-venster in 2028 of 2029
- Externe context: berichtgeving over stijgende geheugenprijzen en druk op de componentmarkt